Denkend aan de toekomst, schrijvend over het verleden.

Jarenlang liep ik mijn leven in het verleden, terwijl ik aan de toekomst dacht. Ik had zo veel plannen, zo veel ambities, zo veel doelen te behalen. En toch bleef ik maar rondjes lopen in het verleden. Ik bleef malen.

Wil ik leven? Het leven is niet leuk. Waarom leeft iedereen alsof er niks voor terig staat? Leeft iedereen alsof we de aarde niks terug hoeven te geven?

Ja, inderdaad deze laatste twee vragen vroeg ik mij af toen ik in groep 8 zat. Ik zat knielend naast mijn bed. Biddend, hopend op een antwoord. Hopend op een opluchting. 

Ik liep mijn weg naar de toekomst, maar mijn gedachten bleven malen. Malen over de ervaringen die ik niet eens ècht had meegemaakt, maar mee had gekregen. Lopend in de toekomst, malend over het verleden.

Angst wanneer de oorlog zou uitbreken. Iedere dag dezelfde droom. Oorlog, vluchten, in paniek iedereen kwijtraken. Waar komt deze angst toch vandaan? Angst, oorlogsangst, meegekregen vanuit mijn moederskant en mijn vaderskant, samengekomen in mij. 

‘Er komt een derde wereldoorlog, ze gaan Irak binnenvallen. Ok, maar een derde wereldoorlog wil ik niet nòg een keer meemaken, dan ga ik liever dood.’ – dacht ik toen die dreiging er aan zat te komen.

De avond voordat Irak ècht wordt binnengevallen. Ik lig in bed

‘ER moet iets gebeuren, als morgenochtend Irak wordt binnengevallen moet ik beslissen of ik wil leven ja of nee. Ik wil geen derde wereldoorlog meemaken, ook al heb ik het nog nooit ècht meegemaakt. Ik heb het nog nooit meegemaakt en toch wil ik het niet nòg een keer meemaken. Ik snap helemaal niks van mijzelf.’ – malend lag ik in bed

Ik sluit mijn ogen. Er komt een rust over mij heen.

God, lieve God, ik weet niet of U bestaat, maar als U bestaat geef me dan alsjeblieft een teken. Ik ben wanhopig. Geef me alsjeblieft een teken of er een derde wereldoorlog komt. Ik wil niet meer leven als er een oorlog komt en ik wil ook niet zo maar uit het leven stappen. 

Ik val in slaap. Ik droom. Deze keer geen oorlogsdroom.

Twee mensen hebben ruzie. Ze gooien met borden en broden naar elkaar. Dan komt er een goud ligt, het is de energie van Jany in de vorm van een citroenvlinder. Een stem zegt; er komt geen derde wereldoorlog. Ik zie in het middenoosten vuur en vlammen. Vanuit die vlammen zie ik vliegtuigen vliegen over Nederland heen. Een vliegtuig naar Spanje en een vliegtuig naar Engeland, ze crashen. Vanuit Engeland zie ik een vliegtuig naar Amerika, deze crasht ook. Nederland blijft ongedeerd. De stem zegt; er zal geen oorlog komen, het wordt onrustig en uiteindelijk komt het goed.

Ik word verbaasd en opgelucht wakker, God heeft mij gehoord. God is bij mij en ik hoef niet uit het leven te stappen er komt geen oorlog. Uiteindelijk komt het goed. Deze droom is mijn hoop en mijn kracht geweest. Op momenten dat mijn wereld zwart leek, was deze droom mijn kracht. Mijn zoektocht naar God begon, die nacht. 

Liefs,

Renee